Voortgezet onderwijs

Verdwenen

3stervertaling: Anne-Marieke Buijs
Leopold, oktober 2016

Elf jaar geleden kwamen er zes kleuters na hun eerste schooldag niet meer thuis. Ooggetuigen hadden gezien dat ze niet in de gewone schoolbus, maar in een klein busje stapten. Daarna werd nooit meer iets van de kinderen vernomen.
Op een avond staan er vijf jongeren in een verlaten speeltuintje vlakbij de plaats waar elf jaar terug de kleuters verdwenen. Ze hebben geen idee wat er de afgelopen jaren gebeurd is; hun geheugen lijkt gewist. Ze kennen elkaar wel. Ze weten dat ze hier thuishoren. Ze hebben allemaal een routebeschrijving in hun zak waarop staat naar welk huis ze moeten gaan.
Avery is de zus van Max, de zesde jongen die verdween en die niet met de anderen is teruggekomen. Ze was pas vier toen Max verdween. Waarom is haar broer er niet bij? De andere jongeren zeggen Max niet te kennen.
Twee van hen, Lucas en Scarlett, worstelen met het feit dat ze vrijwel niets weten van de afgelopen elf jaar. Waar zijn ze geweest? Door wie werden ze ontvoerd en weer vrijgelaten? Samen met Avery gaan ze op zoek naar sporen om het raadsel op te lossen.

Dat klinkt allemaal behoorlijk mysterieus en dat is het ook. Hoe kan het dat vijf jongeren niets weten over hun eigen jeugd? In deze 375 pagina’s tellende roman worden her en der wat tipjes van de sluiter opgelicht, maar een echte thriller kun je dit boek toch niet noemen. Het is een eindeloos uitgesponnen verhaal, verteld vanuit drie perspectieven: die van Avery, Lucas en Scarlett. Qua vertelstem verschillen de drie jongeren nauwelijks van elkaar, het verhaal kabbelt van de een naar de ander. Lucas en Scarlett hadden waarschijnlijk iets met elkaar – maar kunnen het zich niet goed herinneren, Avery wordt verliefd op Lucas, terwijl ze al een vriendje heeft, dat keutelt er nog een beetje tussendoor. De uiteindelijke ontknoping is nogal science-fiction. Tja. Als je van zo’n vergezochte oplossing houdt, dan kun je er misschien in mee, anders zou je het nogal een afknapper kunnen noemen.

Verdwenen is een lijvig en veel te Amerikaans boek dat dringend een redacteur met een delete-knop nodig had gehad. Misschien, als het boek maar zo’n 200 bladzijden had geteld, had het allemaal niet zo stroperig aangevoeld. Het basisidee is in orde, maar de XXL-uitwerking maakt het verhaal onnodig langdradig. Verdwenen is een boek waarop je heerlijk in slaap sukkelt, geschikt voor lettervreters van veertien jaar en ouder.

Share